We hebben geleerd dat doorzetten bewonderenswaardig is. Dat volhouden getuigt van karakter. Dus als iets stroef gaat, schuiven we onze eigen twijfel aan de kant en drukken we door. Nog een extra ronde. Nog meer inzet. Nog wat harder duwen.
Want toegeven dat het niet werkt, voelt ongemakkelijk. Het lijkt op afhaken. Alsof je tekortschiet. Dus gaan we door, zelfs wanneer we allang voelen dat er iets wringt.
We laten onze innerlijke signalen links liggen, maar houden de schijn op dat alles prima loopt. En dat werkt door. Als jij niet laat zien waar het stokt, kunnen anderen hun eigen grenzen ook niet serieus nemen.
Op tijd stoppen is geen verlies. Het vraagt juist moed om uit te spreken wat je al wist, maar liever negeerde.
Doorduwen terwijl je voelt dat het niet klopt, dรกt is wat je leegtrekt. Niet omdat je te weinig kunt, maar omdat je nog vasthoudt aan een oud idee van wat kracht zou moeten zijn.
Vond je dit nu een leuk artikel en wil je er meer over weten?
Of wil je even met mij sparren? Laat het mij gerust weten en wie weet spreken we elkaar snel!

